Terugleververgoeding 2027: wat je zonnestroom op het middaguur nog waard is
Op 1 januari 2027 stopt de saldering, en veel mensen verwachten een boete op teruglevering. Die komt niet. Wat er wel gebeurt staat al zes jaar in de prijslijst van de markt zelf: exact € 0,00 is elk jaar de meest voorkomende stroomprijs van het jaar. Dit is het volledige dossier, met de meting, de 401 prijsbakken, de 2027-getallen die twee leveranciers zelf publiceren, en de plek waar mijn verklaring ophoudt.
In dit artikel19
- Belangrijkste punten
- Wat er op 1 januari verandert, en wat er niet verandert
- De misvatting is gemeten, niet aangenomen
- De meting: 401 prijsbakken, zes jaar day-ahead
- De omgeving van nul is niet vlak, en dat is een correctie op mezelf
- Drie controles die de piek overeind houden
- De eerlijke bodem: de verklaring die ik had, klopt niet
- Waarom je overschot juist op dat uur zo weinig oplevert
- De 50%-ondergrens bindt de vergoeding, niet het saldo
- Wat twee leveranciers zélf voor 2027 publiceren
- Het rekenvoorbeeld, en de vier dingen die het niet zegt
- Terugleverkosten hangen aan de contractvorm
- De omkering: op het nul-uur verdient degene die kan opnemen
- Saldering was opslag, en waar die vergelijking ophoudt
- Wat hier bewust niet in staat
- Veelgestelde vragen
- Gerelateerde artikelen
- Transparantie
- Bronnen
Samenvatting
Exact nul. Geen afgeronde nul en geen bijna-nul: € 0,00 per megawattuur, gepubliceerd als klaringsprijs op de Nederlandse day-ahead markt. Over 2021 tot en met 30 augustus 2026 staat er 304 uur op precies dat bedrag. De op één na drukste prijsbak in de hele omgeving haalt 113,75 uur.
Over vier maanden verkoop jij je zonneoverschot op precies deze markt.
Op 1 januari 2027 stopt de salderingsregeling. In de reacties onder onze video's heet wat daarna komt een boete. Je gaat betalen voor teruglevering, als straf voor je panelen. Veertien reacties over negen video's zeggen het in die woorden, tussen 3 januari 2025 en 26 juli 2026. De zwaarste staat op negen likes.
Die boete komt niet. Wat er wel komt is stiller, en het staat al jaren in de prijslijst van de markt zelf.
Dit artikel is het dossier: de volledige meting met het script waarmee je hem zelf herhaalt, de 401 prijsbakken van één cent breed, de vier leveranciers die hun eigen 2027-getallen publiceren of juist niet, en de plek waar mijn verklaring ophoudt. Dat laatste stuk staat er met opzet in. Ik weet dát de piek er staat. Ik weet niet waarom.
Belangrijkste punten
- Saldering stopt volledig op 1 januari 2027. De regeling valt in één keer weg, ook voor installaties die er al jaren liggen.
- Terugleverkosten blijven bestaan ná die datum, en ze bestaan nu al. Vandebron voerde ze in 2023 in, Eneco in juni 2024. Er worden twee dingen versmolten die los van elkaar staan: een opslag van je leverancier, en het einde van een fiscale verrekening.
- De wettelijke ondergrens loopt van 1 januari 2027 tot en met 31 december 2029, en hij bindt de vergoeding, niet het saldo. Minstens 50% van het kale leveringstarief, en ACM zet er woordelijk bij dat de terugleverkosten hoger kunnen uitvallen dan die vergoeding.
- Twee leveranciers publiceren hun eigen 2027-getallen, twee niet. Greenchoice rekent met € 0,05434 vergoeding min € 0,05184 terugleverkosten. Eneco met € 0,05058 min € 0,03865. Vattenfall en Essent noemen geen bedrag op hun eigen 2027-pagina.
- Exact € 0,00 is elk jaar de meest voorkomende stroomprijs op de Nederlandse day-ahead markt. 304 uur over zes jaar, tegen een mediaan van 1,50 uur per cent-brede prijsbak. Een overschot van ×203.
- Waarom die piek er staat, is niet vastgesteld. De subsidieregel die als verklaring rondgaat begint pas bij 200 kW per aansluiting en raakt geen enkel huishouden. De toeschrijving is met twee getallen weerlegd, en er is geen tweede verklaring die ik hard kan maken.
- Het goedkoopste uur van de dag ligt om 13:00, het duurste om 20:00. In 2026 zit daar € 167,1 per megawattuur tussen, tegen € 98,9 in 2024. Die afstand groeit, en zij bepaalt wat opslag waard is.
ℹ️Info
Elk getal hieronder heeft een status en een datum. Waar ik zelf gemeten heb, staat het meetscript erbij, zodat je de reeks opnieuw kunt ophalen en de uitkomst kunt vergelijken. Waar twee leveranciers verschillende bedragen publiceren, staan ze allebei. Waar ik iets niet rond kreeg, staat dat in een eigen sectie onderaan, met de route ernaartoe.
Wat er op 1 januari verandert, en wat er niet verandert
De salderingsregeling verdwijnt in één keer. De Eerste Kamer stemde daar op 17 december 2024 over, en er kwam geen afbouwpad voor in de plaats. Tot en met 31 december 2026 mag je elke teruggeleverde kilowattuur wegstrepen tegen een kilowattuur die je afneemt. Op 1 januari 2027 kan dat niet meer.
Wat níét verandert zijn de terugleverkosten. Op die post zit de meeste verwarring, dus hier staan de bronnen woordelijk naast elkaar.
ACM ConsuWijzer, de toezichthouder:
"U betaalt (nog steeds) terugleverkosten. Leveranciers maken extra kosten voor consumenten met zonnepanelen. Die moeten zij vanaf 2027 bij diezelfde groep in rekening brengen."
Essent, op de eigen vraag of ze ermee stoppen:
"Nee, nog niet. Als iedereen tegelijk stroom teruglevert, zorgt dat nog steeds voor extra kosten."
Eneco, onder de kop Terugleverkosten blijven bestaan:
"Ook in 2027 brengen we terugleverkosten in rekening over de stroom die je teruglevert."
Greenchoice, met een nuance die de andere drie niet geven:
"Omdat energieleveranciers nog steeds te maken hebben met kosten door opgewekte stroom, zoals profilerings- en onbalanskosten, blijven de terugleverkosten. Deze kosten worden wel iets lager, omdat de salderingskosten dan wegvallen."
Vijf onderling onafhankelijke bronnen, waarvan vier commerciële partijen met tegengestelde belangen, en ze zeggen hetzelfde. Terugleverkosten overleven 1 januari.
De tweede helft van de correctie weegt zwaarder dan de eerste: die kosten bestaan nu al. Vandebron schrijft over zichzelf dat het "in 2023 de eerste energieleverancier" was die ze introduceerde. Eneco volgde in juni 2024. Wie in 2026 een jaarafrekening van een van die leveranciers openslaat, vindt de post er gewoon op staan, drie jaar voordat iemand over 2027 begon.
⚠️Warning
De naam Vandebron duikt in dit dossier op met de verkeerde gebeurtenis eraan geplakt. Vandebron was de eerste leverancier die terugleverkosten invoerde, niet de eerste die ermee stopt. Dat verschil is groot genoeg om de hele redenering om te draaien, en het staat woordelijk op hun eigen pagina.
Wat er dus per 1 januari gebeurt is één ding, niet twee: de wegstreepregeling valt weg. De opslag die je nu al betaalt blijft staan en wordt volgens Greenchoice zelfs iets lager, omdat het salderingsdeel eruit gaat.
De misvatting is gemeten, niet aangenomen
Ik schrijf hierboven dat mensen een boete verwachten. Dat komt uit een telling over onze eigen reacties: 14 reacties over 9 video's, van 3 januari 2025 tot 26 juli 2026, die de terugleverkosten een boete of een straf noemen. De zwaarste staat op negen likes, tegen een mediaan van nul over het hele corpus, een gemiddelde van 1,16 en een p95 van 5.
"Ik ben bang dat we straks gewoon de opbrengst van de panelen moeten gaan knijpen als teruglevering met boete geld gaat kosten."
Die reactie komt van iemand die de regels kent. Hij legt twee gebeurtenissen op één hoop omdat ze in dezelfde nieuwsberichten voorkwamen, en dat is een begrijpelijke fout.
De spiegelvorm staat er ook, één keer, op nul likes: "deze gaat er volgend jaar af dus stopt de zogenaamde teruglever boete." Eén reactie is geen cluster en ik gebruik hem niet als bewijs voor iets. Hij staat hier omdat hij de eerste veertien verklaart. Als je de opslag ziet als een boete voor saldering, dan is het logisch dat je verwacht dat hij met de saldering meeverdwijnt.
Hij verdwijnt niet.
De meting: 401 prijsbakken, zes jaar day-ahead
De methode, zodat je hem kunt navolgen. De reeks komt van het ENTSO-E Transparency Platform, documentType=A44 (day-ahead prijzen), biedzone NL (10YNL----------L). Elke periode wordt gewogen naar haar eigen lengte in plaats van geteld als voorval, want sinds 1 oktober 2025 publiceert de markt kwartierprijzen en daarvoor uurprijzen. Ontbrekende posities in curveType A03 worden doorgevuld, zoals de specificatie voorschrijft. Daarna gaan alle prijzen in 401 bakken van één cent breed, van −€ 2,00 tot +€ 2,00 per kilowattuur.
Het meetscript staat in de repo als tools/meten/entsoe-nulpiek.mjs. Draai het opnieuw en elk getal hieronder komt terug.
De ijking. Een eigen meting die niemand kan controleren is een mening met decimalen. Deze is daarom vastgezet op twee cijfers die anderen al hebben gepubliceerd: 458,00 negatieve uren in 2024 (pv-magazine en ANWB) en 581,25 in 2025 (De Datadame). Beide komen op de komma uit. De reeks is bovendien gekruist met de API van energy-charts.info, die dezelfde ENTSO-E-data langs een andere route ophaalt, en die is identiek tot op 0,01 uur over 2021, 2022, 2024, 2025 en 2026. De jaartotalen kloppen: 8.760 / 8.760 / 8.760 / 8.784 / 8.760 / 5.807 uur, zonder gaten.
| Jaar | Uren op exact € 0,00 | Negatieve uren |
|---|---|---|
| 2021 | 16,00 | 70,00 |
| 2022 | 25,00 | 85,00 |
| 2023 | 57,00 | 316,00 |
| 2024 | 84,00 | 458,00 |
| 2025 | 67,00 | 581,25 |
| 2026 t/m 30-08 | 55,00 | 362,00 |
De twee vetgedrukte getallen zijn de ijkpunten.
Over de hele reeks staat 304,00 uur op exact € 0,00. De mediane cent-brede prijsbak in dezelfde reeks haalt 1,50 uur. Dat verschil is een factor 203.
304 uur
op exact € 0,00 per MWh, Nederlandse day-ahead, 2021 t/m 30 augustus 2026. De mediane cent-brede prijsbak in dezelfde reeks haalt 1,50 uur: een overschot van ×203
Bron: Eigen meting op ENTSO-E Transparency (documentType A44, biedzone NL), script tools/meten/entsoe-nulpiek.mjs, opgehaald 30-08-2026
Per jaar bekeken is het beeld hetzelfde. In 2024 klaart 84,00 uur op € 0,00, tegen een mediaan van 0,400 uur per cent-tick voor prijzen die tussen 20 cent en 2 euro van nul af liggen: een overschot van ×210. In 2025 is dat ×145, in 2026 tot eind augustus ×137. En om het in verhouding te zetten met een prijs die je wél herkent: de hoogste prijsbak búiten de nulzone in 2024 is € 100,00 per MWh, met 33,00 uur. Nul haalt er 84,00.
De omgeving van nul is niet vlak, en dat is een correctie op mezelf
Toen ik dit voor het eerst opschreef, dacht ik dat de piek uit een gladde, vlakke band omhoog stak. Eén naald in een vlakke woestijn. Zo stond hij ook getekend in de compositie die we voor de video hadden gebouwd.
Dat klopt niet, en de plaat is op 30 augustus 2026 ingetrokken.
Van de 400 buurbakken zijn er 369 gevuld, en ze lopen twee ordes van grootte uiteen. Dit zijn de twaalf drukste prijsbakken in het hele venster:
| Prijs per kWh | Uren (2021 t/m 30-08-2026) |
|---|---|
| € 0,00 | 304,00 |
| −€ 0,01 | 113,75 |
| −€ 2,00 | 49,25 |
| € 0,10 | 38,00 |
| −€ 0,10 | 33,75 |
| −€ 0,02 | 32,25 |
| € 0,01 | 32,00 |
| € 0,09 | 25,25 |
| −€ 0,03 | 20,75 |
| € 0,08 | 18,25 |
| € 0,03 | 18,00 |
| −€ 0,07 | 16,25 |
De naaste buur, −€ 0,01, haalt ruim een derde van de piek. En −€ 2,00 staat er hoog in, wat geen prijsverschijnsel is maar een biedverschijnsel: een rond bod precies op de rand van het meetvenster.
Gebundeld per tien cent wordt het patroon duidelijker:
| Prijsband per kWh | Uren |
|---|---|
| −€ 0,20 tot −€ 0,11 | 55 |
| −€ 0,10 tot −€ 0,01 | 285 |
| € 0,00 tot € 0,09 | 465 |
| € 0,10 tot € 0,19 | 68 |
Nul blijft de modus, met ruime afstand. Tegenover zijn naaste buur is de verhouding ×2,7, tegenover de mediane bak ×203. Maar wie een vlakke band met één naald tekent, tekent iets anders dan wat er gemeten is.
🔴Important
Deze correctie staat hier omdat ze precies het soort fout is dat een goede grafiek onzichtbaar maakt. De piek op nul is echt en groot. De omgeving eromheen is druk en ongelijk. Een plaat die de tweede weglaat om de eerste sterker te maken, liegt over de meting die hij zegt te tonen.
Drie controles die de piek overeind houden
Een puntmassa op een rond getal is precies het soort ding dat een meetfout zou opleveren. Drie controles.
Het is geen datagat. Als een leverancier van marktdata ontbrekende waarden met nul zou invullen, zou je lange aaneengesloten blokken zien, willekeurig verdeeld over het etmaal. Wat er staat is het omgekeerde: 65 losse episodes in 2024, 58 in 2025 en 129 in 2026, waarvan respectievelijk 58, 50 en 86 precies één periode lang. De langste reeks is 8, 4 en 9 perioden. Ze zitten geconcentreerd tussen 10:00 en 15:00 uur, en in de maanden maart tot en met september. Dat is het profiel van zonproductie, niet van een datastoring.
Het is geen afrondingsartefact. ENTSO-E publiceert prijzen met nul, één of twee decimalen, precies zoals de beurs ze aanlevert. In de reeks dragen 5.504 ruwe waarden geen decimale punt. Een 0 in dat bestand is dus een echt gepubliceerde klaringsprijs, geen weergave van iets kleins dat naar beneden is afgerond.
En de controle die tegen mij pleit. Ronde getallen zijn in deze markt breed oververtegenwoordigd. Tussen de 10 en 12 procent van alle uren klaart op een exacte hele euro per MWh, terwijl je bij een gelijkmatige verdeling over centen ongeveer 1 procent zou verwachten. Op die rondheidsmaat is € 0,00 geen uitschieter maar een gewoon lid van een grotere familie. Dat maakt de piek niet kleiner, en het maakt hem wel minder bijzonder dan hij op het eerste gezicht lijkt.
De eerlijke bodem: de verklaring die ik had, klopt niet
Er circuleert een verklaring voor deze piek, en ik geloofde hem zelf ook. Sinds de aanvraagronde van 2023 keert de SDE++-subsidie niet uit tijdens uren met een negatieve prijs. Een producent die op subsidie draait, heeft dan een reden om zijn bod precies op nul te leggen in plaats van eronder. Klinkt sluitend.
Er zitten drie gaten in.
Het eerste is de drempel. Die SDE++-regel geldt vanaf 200 kW per aansluiting. Een huishouden met zonnepanelen valt onder geen van de drie regimes, en zelfs een flinke bedrijfsinstallatie op een schuurdak zit er meestal onder. De regel raakt dus alleen grootschalige productie.
Het tweede is de tijdlijn, en die wijst de verkeerde kant op. Als de verscherping van 2023 de piek veroorzaakte, zou het aandeel nul-uren daarna moeten stijgen. Het daalt. In 2022 was 29,4 procent van alle negatieve uren een uur op exact nul. In 2025 is dat 11,5 procent. Beide percentages hebben dezelfde noemer: de negatieve uren van dat jaar.
Het derde is de buurman. Biedzone DE-LU laat in 2025 vrijwel hetzelfde beeld zien. Daar staat 86,75 uur op exact € 0,00, oftewel 0,990 procent van alle uren van dat jaar, tegen 0,765 procent in Nederland. Duitsland heeft een andere subsidiesystematiek. Als de Nederlandse regel de Nederlandse piek maakte, zou de Duitse piek er niet horen te zijn.
De regel bestaat. De piek bestaat. Het verband tussen die twee is niet gemeten, en met deze data valt het ook niet te meten: prijsdata alleen scheidt een biedconventie niet van een subsidieknik. Wat het wél zou beslechten zijn de geaggregeerde bied- en vraagcurves per veiling, die EPEX SPOT publiceert. Die heb ik voor dit dossier niet opgehaald.
Dus: ik weet dat het zo is, en niet waarom.
Waarom je overschot juist op dat uur zo weinig oplevert
De nul-uren zijn de scherpste vorm van een breder verschijnsel. Het uur waarop jouw panelen het hardst werken, is het uur waarop de markt het minst betaalt.
| 2024 | 2025 | 2026 t/m 28-08 | |
|---|---|---|---|
| goedkoopste uur van de dag | 13:00 · € 43,6/MWh | 13:00 · € 42,4 | 13:00 · € 36,5 |
| duurste uur van de dag | 19:00 · € 118,1 | 19:00 · € 131,0 | 20:00 · € 162,3 |
| afstand middagdal tot avondpiek | € 98,9 | € 126,5 | € 167,1 |
| gemiddeld prijsniveau | € 67,2 | € 87,8 | € 102,9 |
×4,4
verhouding tussen het duurste en het goedkoopste uur van de dag in 2026: € 162,3 om 20:00 tegen € 36,5 om 13:00 per MWh. Groothandelsprijzen, dus exclusief energiebelasting, btw en nettarief
Bron: Eigen meting, NL day-ahead, uurgemiddelden 1 januari t/m 28 augustus 2026
Het gemiddelde prijsniveau stijgt, het goedkoopste uur wordt goedkoper, en het duurste uur wordt duurder. De afstand tussen die twee is in twee jaar met twee derde gegroeid.
Nederland verbruikt 's middags niet minder. In juni 2026 lag de vraag om 13:00 uur gemiddeld op 13.873 MW, hóger dan de nachtvloer van 11.241 MW om 05:00. Er is geen middagdal in het verbruik.
Het dal zit in de residuele vraag: het deel dat de conventionele centrales nog moeten leveren nadat zon en wind hun bijdrage hebben gedaan. In diezelfde maand juni liep het gasvermogen van gemiddeld 1.347 MW om 14:00 naar 5.650 MW om 21:00, een factor 4,2. Kolen ging van 632 naar 1.479 MW. Midden op de dag exporteert Nederland ongeveer 3,5 GW omdat het overschot hier niet op kan.
De avondpiek in de prijs is dus geen piek in wat jij en je buren aanzetten. Het is het moment waarop de zon weg is en het gas aan moet, terwijl het verbruik nauwelijks beweegt.
⚠️Warning
Alle prijzen in deze sectie zijn groothandelsprijzen. Aan jouw meter komen energiebelasting, btw en nettarief erbovenop, en die zijn niet uurafhankelijk. De verhouding van 4,4 tussen middag en avond wordt aan de meter dus kleiner. Gebruik deze getallen om de vórm van de dag te begrijpen, nooit als eindprijs.
En een claim die je veel tegenkomt en die niet klopt: dat het aantal uren met negatieve prijzen blijft stijgen. Over de gelijke periode van 1 januari tot en met 28 augustus ging het van 390 uur in 2024 naar 472 in 2025 naar 351,3 in 2026. Dat is een daling van 25 procent tegenover vorig jaar.
−25%
negatieve uren in 2026 tegenover dezelfde periode in 2025: 351,3 tegen 472 uur, gemeten over 1 januari tot en met 28 augustus. De veelgehoorde claim dat dit aantal blijft stijgen, klopt dit jaar niet
Bron: Eigen meting op ENTSO-E Transparency, biedzone NL
Wat wél stijgt is de spreiding binnen de dag. Minder uren onder nul, grotere afstand tussen middag en avond. Voor wie iets kan opslaan is de tweede beweging belangrijker dan de eerste.
Eén junimaand, per kwartier bekeken
Sinds 1 oktober 2025 handelt de day-ahead markt in kwartieren in plaats van uren. Dat verandert hoe je elk bericht over "aantal uren op nul" moet lezen: vier kwartieren op € 0,00 zijn samen één uur, geen vier. Wie die twee door elkaar haalt, vermenigvuldigt zijn eigen conclusie met vier.
Om te tonen hoe zo'n dag er van dichtbij uitziet, hier drie dagen uit juni 2026, opgehaald per kwartier:
| Dag | Kwartieren op exact € 0,00 | Tijdstippen | Dagbereik in €/MWh |
|---|---|---|---|
| dinsdag 9 juni | 4 (= 1,00 uur) | 13:45 · 14:15 · 14:45 · 16:00 | −0,94 tot 164,12 |
| donderdag 4 juni | 7 (= 1,75 uur) | 10:45 tot 15:15 | −0,05 tot 109,12 |
| zondag 21 juni | 10 (= 2,50 uur) | 10:45 tot 15:30 | −0,01 tot 152,21 |
Op dinsdag 9 juni loopt de prijs op één etmaal van bijna niets naar € 164,12 per MWh. Dat is dezelfde dag, dezelfde meter en dezelfde panelen. Wat verschilt is het uur waarop de kilowattuur langskomt.
En één correctie op mezelf: in een eerdere versie stond dat je zoiets op elke woensdag in juni ziet. In heel juni 2026 heeft géén enkele woensdag een kwartier op exact € 0,00. Dat is nagerekend en aangepast.
De 50%-ondergrens bindt de vergoeding, niet het saldo
Hier zit het deel van de wet dat het vaakst verkeerd wordt begrepen, en het is de reden dat de vorige secties ertoe doen.
Vanaf 1 januari 2027 tot en met 31 december 2029 moet je leverancier minimaal 50 procent van het kale leveringstarief als terugleververgoeding bieden. Kaal betekent: exclusief energiebelasting en btw. Vattenfall zegt het over het eigen contract woordelijk zo: van 1 januari 2027 tot en met 31 december 2029.
Twee dingen over die ondergrens.
Hij bestaat vóór 1 januari 2027 niet. Dat klinkt als een detail en is het niet. Onder de saldering is er niets voor hem te beschermen, want je overschot wordt één op één weggestreept. De ondergrens is nieuw beleid dat begint op het moment dat saldering eindigt. Wie leest "tot 2030" zonder de begindatum erbij, denkt makkelijk dat er nu al een bodem onder zijn vergoeding ligt.
Hij bindt wat je krijgt, niet wat je overhoudt. ACM schrijft direct onder de zin over de ondergrens:
"Let op: deze terugleverkosten kunnen soms hoger uitvallen dan de vergoeding voor de teruggeleverde elektriciteit."
Dat staat er van de toezichthouder zelf, en het betekent dat teruglevering je per saldo geld kan kosten. Dat is niet verboden en het is niet in strijd met de ondergrens, want de ondergrens gaat over de vergoeding en de kosten staan daarnaast.
ACM zet er een rekenvoorbeeld bij: 1.000 kWh × € 0,15 = € 150 vergoeding, min € 70 terugleverkosten, is € 80 over.
⚠️Warning
Dat ACM-voorbeeld rekent met de terugleververgoeding van nu (€ 0,15 per kWh, geldig tot en met 31 december 2026), niet met die van 2027. ACM zegt er zelf niet bij dat het over een ander jaar gaat. Wie het voorbeeld één op één naar 2027 overzet, rekent met een vergoeding die ongeveer drie keer te hoog is. De 2027-getallen staan in de volgende sectie.
Wat twee leveranciers zélf voor 2027 publiceren
Op 29 augustus 2026 heb ik de eigen 2027-pagina's van vier grote leveranciers nagelopen. Twee noemen een bedrag, twee niet.
| Leverancier | Terugleververgoeding | Terugleverkosten | Netto per kWh |
|---|---|---|---|
| Greenchoice | € 0,05434 | € 0,05184 | € 0,00250 |
| Eneco | € 0,05058 | € 0,03865 | € 0,01193 |
| Vattenfall | geen bedrag genoemd | geen bedrag genoemd | onbekend |
| Essent | geen bedrag genoemd | geen bedrag genoemd | onbekend |
€ 0,00250
wat er per teruggeleverde kilowattuur overblijft in het eigen rekenvoorbeeld van Greenchoice voor 2027: € 0,05434 vergoeding min € 0,05184 terugleverkosten. Hun eigen inschatting, met voorbehoud
Bron: Greenchoice, rekenvoorbeeldpagina salderingsregeling, opgehaald 29-08-2026
Status: voorstel, geen feit. Dit zijn inschattingen van de leverancier op zijn eigen site, geen vastgestelde tarieven. Greenchoice schrijft er woordelijk bij: "Aan dit voorbeeld kunnen geen rechten worden ontleend. Het is enkel bedoeld ter indicatie." Eneco noemt zijn grondslag net zo expliciet: "We rekenen met de tarieven van een 1-jarig vast contract en een inschatting van terugleververgoeding en terugleverkosten per 1 januari 2027 (peildatum 25 februari 2026)."
Lees deze getallen dus als "waar ze zelf mee rekenen", nooit als "wat je gaat krijgen".
🔴Important
In een eerdere versie van dit dossier stond dat géén enkele leverancier een bedrag voor 2027 publiceert. Dat was onjuist, en het is op 29 augustus 2026 ingetrokken. Greenchoice en Eneco doen dat allebei, allebei op hun eigen rekenvoorbeeldpagina. De fout was een negatieve bewering die ik nooit gecontroleerd had, en dat is precies het type claim dat het duurst is om verkeerd te hebben.
Eneco betaalt exact de wettelijke ondergrens, en dat is na te rekenen. Hun kale leveringstarief staat op € 0,12240 per kWh bij een 1-jarig vast contract, peildatum 25 februari 2026. Deel dat door 1,21 om de btw eruit te halen en je komt op € 0,101157. De helft daarvan is € 0,050579. Dat is tot op vijf decimalen het bedrag dat ze noemen: € 0,05058. De 50%-ondergrens is bij hen dus geen bodem waar ze boven zitten, maar het tarief zelf.
Wat de twee andere leveranciers wel zeggen. Vattenfall noemt alleen de regel: "Tot 2030 krijg je minstens 50% van het kale leveringstarief terug voor je teruggeleverde stroom." Essent schrijft "We informeren klanten op tijd over de nieuwe terugleververgoeding- en kosten", en meldt daarnaast een verandering in de vorm die het vergelijken lastiger maakt: "We berekenen vanaf dan de terugleverkosten per kWh in plaats van in schalen." Dat laatste is de moeite waard om te onthouden voor volgend jaar, want een staffel en een tarief per kWh zijn niet direct met elkaar te vergelijken.
Het rekenvoorbeeld, en de vier dingen die het niet zegt
Neem een installatie die 6.000 kWh per jaar opwekt, waarvan 4.000 direct in huis wordt verbruikt en 2.000 het net op gaat. Alle drie de rijen hieronder staan op de tarieven van dezelfde leverancier, Greenchoice, omdat zij als enige zowel het afnametarief als beide 2027-getallen op dezelfde pagina publiceren.
| Situatie | Per teruggeleverde kWh | Op 2.000 kWh per jaar |
|---|---|---|
| Nu, met saldering | € 0,24832, één op één weggestreept tegen een kWh die je later afneemt | € 497 |
| Vanaf 1 januari 2027 | € 0,00250 netto: € 0,05434 vergoeding min € 0,05184 terugleverkosten | € 5 |
| Vanaf 1 januari 2027, mét opslag | € 0,24832, want je koopt hem 's avonds niet terug | € 497 |
Tussen de eerste en de tweede rij zit een factor 99. Bij Eneco ligt de netto-marge ongeveer vier keer zo gunstig (€ 0,01193 tegen € 0,00250), en dat is nog altijd een factor 21 onder wat saldering nu oplevert.
⚠️Warning
Vier dingen die dit rekenvoorbeeld niet zegt.
- Het is geen vergelijking tussen Greenchoice en Eneco. Die twee rekenvoorbeelden staan op verschillende contractvormen met verschillende peildata. Wie het afnametarief van de een naast de netto-marge van de ander legt, vergelijkt niets.
- De 2027-getallen zijn geen vaststaande tarieven. Het zijn inschattingen met een voorbehoud eronder.
- De verdeling 6.000/4.000 is een rekenvoorbeeld en geen gemiddeld huishouden. Milieu Centraal geeft op dat je van je eigen zonnestroom ongeveer 30 procent zelf verbruikt zonder opslag; die verhouding zit níét in de som hierboven verwerkt.
- De derde rij betekent niet dat een batterij je € 497 per jaar oplevert. Het is de waarde van kilowatturen die je niet terugkoopt, en niemand slaat 2.000 kWh op.
Wat er wél al vaststaat en uit eigen meting komt. Na 2027 levert teruglevering op het middaguur ruwweg de middagspotprijs op, in 2026 gemiddeld € 36,5 per MWh oftewel 3,65 cent per kWh. Wie diezelfde kilowattuur in plaats daarvan bewaart en 's avonds gebruikt, vermijdt inkoop op een uur dat gemiddeld € 162,3 per MWh kost, oftewel 16,23 cent. Beide zijn groothandelsprijzen zonder belasting, btw en nettarief, dus geen van beide is een eindprijs voor jou.
Terugleverkosten hangen aan de contractvorm
Er is één laag onder dit hele verhaal die zelden wordt genoemd: niet elke leverancier rekent terugleverkosten, en het hangt samen met het type contract. Ik heb op 29 augustus 2026 vier aanbieders van dynamische en marktvolgende contracten nagelopen, elk op de eigen pagina.
| Aanbieder | Terugleverkosten | Wat er woordelijk staat |
|---|---|---|
| Zonneplan | nee | "Bij Zonneplan Energie betaal je nooit terugleverkosten" en "Zonneplan Energie doet niet aan terugleverkosten, en dit zal altijd zo blijven." |
| NextEnergy | nee | "Geen terugleverkosten", genoemd als voordeel van het NextSolar-contract |
| Frank Energie | niet gevonden | Geen enkele vermelding van terugleverkosten op de doorzochte pagina's |
| Tibber | niet gevonden | Drie URL's geprobeerd, waarvan er drie geen uitsluitsel gaven |
Zonneplan benoemt het mechanisme zelf, en dat deel is bruikbaar: de opslag hangt aan de contractvorm, en werd ingevoerd "bij vaste en variabele contracten".
🔴Important
Wat hier níét uit volgt. Dat vaste en variabele contracten verdwijnen, zeldzaam worden of een minderheid vormen. Die contracten zijn breed verkrijgbaar. Hoeveel Nederlandse huishoudens welk contracttype hebben, heb ik niet kunnen vaststellen: de ACM-pagina die ik daarvoor zocht gaf een 404. Iedereen die je vertelt dat "dynamisch nu de norm is", heeft dat cijfer waarschijnlijk ook niet.
En let op wie dit zegt. De zin dat een dynamisch contract daarom de beste keuze is, komt van een aanbieder van dynamische contracten. Het feitelijke deel (er zijn leveranciers zonder terugleverkosten) is na te lopen op hun eigen tarievenpagina. Het adviesdeel is verkooptekst.
Dit verschuift wel iets aan wie dit artikel eigenlijk raakt. De vrees voor een boete is een verhaal van mensen met een vast of variabel contract, want daar zit de opslag. De omkering hieronder gaat over precies de groep die daar geen last van heeft. Geen tegenspraak: je vreest een kostenpost die aan je contractvorm hangt, terwijl de echte kostenpost het uur is waarop je overschot aankomt.
De omkering: op het nul-uur verdient degene die kan opnemen
Zet de twee helften naast elkaar.
Op een zonnige junimiddag om 14:00 uur is de klaringsprijs op de day-ahead markt soms exact nul. Wie op dat moment stroom het net op duwt, krijgt daar niets voor. Wie op datzelfde moment stroom van het net haalt, betaalt op de groothandel ook niets.
Dezelfde grafiek, twee kanten.
Dat maakt van teruglevering een handeling met een prijs die je niet kiest, en van opnemen een handeling waarvan je het moment wél kiest. Een thuisbatterij, een warmtepomp die vooruit werkt, een auto die op de oprit staat: allemaal manieren om het tweede te doen in plaats van het eerste. Wat ze waard zijn, hangt niet af van de vergoeding die je leverancier biedt, maar van de afstand tussen het middaguur en het avonduur. En die afstand groeide van € 98,9 in 2024 naar € 167,1 per MWh in 2026.
Belangrijke beperking, want dit is waar goede verhalen over thuisbatterijen omvallen: aan jouw meter zijn die bedragen kleiner. Energiebelasting, btw en nettarief zitten er bovenop en bewegen niet mee met het uur. De vorm van de dag is echt; de spreiding aan de meter is kleiner dan de spreiding op de groothandel.
Saldering was opslag, en waar die vergelijking ophoudt
Er is een manier om te begrijpen wat er op 1 januari verdwijnt, en die is boekhoudkundig precies.
Saldering was opslag. Je legde in juni een kilowattuur weg en haalde hem in december tegen dezelfde prijs terug. De opslagplaats was geen batterij maar een regel op de jaarafrekening van je leverancier. ACM ConsuWijzer schrijft hierover dat het "wenselijk" is dat je leverancier over je hele jaarverbruik saldeert en dat er "meerdere uitspraken" zijn dat salderen jaarlijks moet, met de kanttekening dat de wet de periode niet vastlegt en dat het in je contract staat.
Op 1 januari verhuist die opslag van hun rekening naar jouw meterkast. Of nergens heen.
Vier plekken waar die vergelijking ophoudt, en ze zijn stuk voor stuk in het nadeel van de hardware:
- Op papier is er geen rendementsverlies. Een echte batterij verliest elke cyclus een deel. Een jaarafrekening niet. Eén op één terugkrijgen is gunstiger dan wat welke accu ook kan leveren.
- De boekhoudopslag was oneindig groot en kostte niets in aanschaf. Een batterij heeft een capaciteit en een prijs.
- Een half jaar overbruggen kan geen enkele thuisbatterij. De verschuiving van zomer naar winter die saldering deed, verdwijnt op 1 januari en komt niet terug. Wat hardware vervangt is de dagcyclus, niet de seizoenscyclus.
- Gratis was het al niet meer. Terugleverkosten bestaan sinds 2023, dus de jaren waarin teruglevering je niets kostte liggen al achter ons.
Wie op 1 januari niets doet, houdt op het middaguur ongeveer over wat de markt op dat uur betaalt. Wat dat is, staat hierboven gemeten.
Wat hier bewust niet in staat
Deze sectie hoort erbij, want de vragen die ik niet rond kreeg zeggen net zoveel als de antwoorden die ik wel heb.
- Waarom de piek op € 0,00 er staat. De SDE++-toeschrijving is weerlegd met twee getallen, en er is geen tweede verklaring die ik hard kan maken. Prijsdata alleen scheidt een biedconventie niet van een subsidieknik. Wat het zou beslechten: de geaggregeerde bied- en vraagcurves per veiling bij EPEX SPOT. Die heb ik voor dit dossier niet opgehaald.
- Hoeveel huishoudens een vast, variabel of dynamisch contract hebben. Geen bron gevonden. De ACM-pagina die ik daarvoor probeerde gaf een 404. Route ernaartoe: de ACM Monitor consumentenmarkt energie, of CBS. Zolang dat cijfer ontbreekt, staat er in dit stuk nergens dat dynamisch de norm is of dat vast op zijn retour is.
- Of ACM's "moeten" een wettelijke plicht is. ACM schrijft dat leveranciers de extra kosten vanaf 2027 bij de groep met zonnepanelen in rekening moeten brengen. Of dat een wettelijke verplichting beschrijft die ook dynamische contracten bindt, of een economische noodzaak, is niet vastgesteld. ACM noemt geen wetsartikel en
wetten.overheid.nlleverde bij ophalen alleen de inhoudsopgave. - De terugleverkosten van Tibber en Frank Energie. Bij Tibber zijn drie URL's geprobeerd zonder uitsluitsel, bij Frank Energie staat er op de doorzochte pagina's niets over. Dat betekent "ik heb het niet gevonden", en het is geen uitspraak over hun tarief. Wie het zeker wil weten, vraagt het aan de klantenservice en krijgt het op schrift.
- Hoeveel kWh een kWp in Nederland per jaar oplevert, en hoeveel eigenverbruik een batterij toevoegt. Niet gecontroleerd voor dit stuk, en daarom ook niet in het rekenvoorbeeld verwerkt. Het rekenvoorbeeld draait op een aangenomen verdeling van 6.000 en 4.000 kWh en presenteert zichzelf ook als zodanig.
Veelgestelde vragen
Veelgestelde vragen
Krijg je vanaf 2027 een boete op teruglevering?+
Nee. Wat mensen als boete ervaren zijn terugleverkosten: een opslag die je energieleverancier rekent over teruggeleverde stroom. Die bestaat nu al. Vandebron voerde hem in 2023 in en Eneco in juni 2024. Wat er op 1 januari 2027 verandert, is dat de salderingsregeling stopt, dus dat je overschot niet langer één op één wordt weggestreept tegen je afname. Dat zijn twee verschillende dingen die vaak op één hoop worden gelegd.
Blijven terugleverkosten bestaan na het einde van de salderingsregeling?+
Ja. ACM ConsuWijzer stelt het expliciet, en Essent, Eneco en Greenchoice bevestigen het in hun eigen woorden op hun eigen site. Essent antwoordt op de vraag of ze ermee stoppen: 'Nee, nog niet.' Greenchoice voegt toe dat de kosten wel iets lager worden omdat het salderingsdeel eruit valt. Er zijn wel leveranciers zonder terugleverkosten: Zonneplan en NextEnergy schrijven allebei dat ze die niet rekenen.
Hoeveel krijg ik in 2027 per teruggeleverde kilowattuur?+
Dat staat nog niet vast, en twee leveranciers publiceren hun eigen inschatting. Greenchoice rekent met € 0,05434 vergoeding min € 0,05184 terugleverkosten, dus € 0,00250 netto. Eneco met € 0,05058 min € 0,03865, dus € 0,01193 netto. Vattenfall en Essent noemen op hun eigen 2027-pagina geen bedrag. Beide gepubliceerde voorbeelden dragen een voorbehoud: het zijn indicaties waaraan je geen rechten kunt ontlenen.
Wat houdt de wettelijke ondergrens van 50% precies in?+
Van 1 januari 2027 tot en met 31 december 2029 moet je leverancier minimaal 50 procent van het kale leveringstarief als terugleververgoeding bieden. Kaal betekent exclusief energiebelasting en btw. Twee dingen om te weten: de ondergrens bestaat vóór 1 januari 2027 niet, en hij bindt de vergoeding en niet het saldo. ACM waarschuwt er zelf bij dat de terugleverkosten hoger kunnen uitvallen dan de vergoeding, waardoor teruglevering per saldo geld kan kosten.
Klopt het dat stroom soms exact nul euro kost?+
Ja, en het gebeurt vaker dan welke andere prijs ook. Op de Nederlandse day-ahead markt staat over 2021 tot en met 30 augustus 2026 in totaal 304 uur op exact € 0,00 per MWh, tegen een mediaan van 1,50 uur per cent-brede prijsbak: een overschot van ongeveer 203 keer. Het is geen datagat, want de nul-momenten komen als korte losse episodes in de middaguren tussen maart en september. Het is ook geen afrondingsartefact: 5.504 ruwe waarden in de reeks dragen helemaal geen decimale punt.
Waarom is stroom midden op de dag zo goedkoop terwijl iedereen dan werkt?+
Niet doordat Nederland dan minder verbruikt. In juni 2026 lag de vraag om 13:00 uur gemiddeld op 13.873 MW, hoger dan de nachtvloer van 11.241 MW om 05:00. Het dal zit in de residuele vraag: het deel dat conventionele centrales nog moeten leveren nadat zon en wind hun bijdrage hebben geleverd. Het gasvermogen liep in diezelfde maand van gemiddeld 1.347 MW om 14:00 naar 5.650 MW om 21:00, en Nederland exporteert midden op de dag zo'n 3,5 GW.
Blijft het aantal uren met negatieve stroomprijzen stijgen?+
Dit jaar niet. Over de gelijke periode van 1 januari tot en met 28 augustus ging het van 390 uur in 2024 naar 472 in 2025 naar 351,3 in 2026, een daling van 25 procent tegenover vorig jaar. Wat wel toeneemt is de spreiding binnen de dag: de afstand tussen het goedkoopste en het duurste uur groeide van € 98,9 per MWh in 2024 naar € 167,1 in 2026.
Verdient een thuisbatterij zich terug nu de saldering stopt?+
Die som staat niet in dit artikel, en met opzet niet: hij hangt af van jouw verbruik, je contractvorm en de prijs die je voor de hardware betaalt. Wat hier wel staat, is de grootheid waarop zo'n som draait. Dat is niet de terugleververgoeding maar de afstand tussen het goedkoopste en het duurste uur van de dag, en die stond in 2026 op € 36,5 tegen € 162,3 per MWh. Let er bij elke berekening op dat dit groothandelsprijzen zijn: aan de meter komen energiebelasting, btw en nettarief erbij, en die bewegen niet mee met het uur.
Was salderen eigenlijk niet gewoon een vorm van opslag?+
Boekhoudkundig wel. Je legde in juni een kilowattuur weg en haalde hem in december tegen dezelfde prijs terug, alleen gebeurde dat op een rekening in plaats van in een accu. Op 1 januari 2027 verhuist die opslag naar je meterkast of hij verdwijnt. De vergelijking houdt op vier punten op: op papier verlies je niets per cyclus, de boekhoudopslag was oneindig groot en gratis in aanschaf, geen enkele thuisbatterij overbrugt een half jaar, en gratis was teruglevering al niet meer sinds 2023.
Waarom staat er een piek op exact nul euro en niet net eronder?+
Dat weet ik niet, en ik heb de verklaring die ik had zelf weerlegd. De SDE++-regel die subsidie stopzet bij negatieve prijzen geldt pas vanaf 200 kW per aansluiting en raakt geen huishouden. Bovendien was de piek vóór de verscherping van 2023 relatief zwaarder: 29,4 procent van de negatieve uren in 2022 tegen 11,5 procent in 2025, als aandeel van de negatieve uren van dat jaar. En biedzone DE-LU laat in 2025 vrijwel hetzelfde beeld zien, met 0,990 procent van alle uren op nul tegen 0,765 procent in Nederland. De regel bestaat, de piek bestaat, en het verband is niet gemeten.
Gerelateerde artikelen
- Einde salderingsregeling 2027: dit moet je nu doen voor de tijdlijn, de juridische achtergrond en de doorgerekende huishoudscenario's
- Is een thuisbatterij rendabel in 2026? voor de terugverdiensom die hier bewust buiten staat
- Handelen met een stekkerbatterij voor wat je met een dynamisch contract met dezelfde prijsspreiding kunt doen
Transparantie
Geen sponsoring, geen affiliate links, geen merkvoorkeur. Voor dit artikel is niets uitgeleend, gegeven of betaald. Er staat geen product in dat ik verkoop, en geen leverancier heeft dit stuk vooraf gezien.
De prijsreeks is een eigen meting, en het meetscript staat in de openbare repo van dit project als tools/meten/entsoe-nulpiek.mjs. De uitkomst is geijkt op twee cijfers die anderen eerder publiceerden en gekruist met een tweede databron. Waar een getal van een leverancier komt, staat de leverancier erbij en de datum waarop ik de pagina ophaalde. Waar ik een eerdere versie van dit dossier moest corrigeren, staat de correctie in de tekst in plaats van eronder.
Bronnen
Bronnen
- [1]ACM ConsuWijzer — Wat is salderen?Opgehaald 29-08-2026. Draagt de zin dat terugleverkosten hoger kunnen uitvallen dan de vergoeding, het rekenvoorbeeld van € 150 min € 70, de vergoeding van € 0,15 en het leveringstarief van € 0,25 per kWh, en de passage over salderen op de jaarafrekening.
- [2]Rijksoverheid — SalderingsregelingHet volledige einde van de saldering per 1 januari 2027, zonder afbouwpad, en de minimumvergoeding van 50% van het kale leveringstarief tot en met 2029. Eerste Kamer, 17-12-2024.
- [3]RVO — Negatieve elektriciteitsprijzen en SDE++Pagina gecontroleerd 20-08-2026. De regel dat SDE++ vanaf aanvraagronde 2023 niet uitkeert bij een negatieve prijs geldt vanaf 200 kW per aansluiting; een huishouden valt onder geen van de drie regimes.
- [4]ENTSO-E Transparency Platform — day-ahead prijzen, biedzone NLdocumentType=A44, biedzone 10YNL----------L. Eigen ophaling 29 en 30-08-2026 met tools/meten/entsoe-nulpiek.mjs. Alle uren gewogen naar periodelengte; 401 prijsbakken van één cent van −€ 2,00 tot +€ 2,00.
- [5]energy-charts.info API (ENTSO-E / SMARD, CC BY 4.0)Kruiscontrole op de eigen ophaling: identiek tot op 0,01 uur over 2021, 2022, 2024, 2025 en 2026. Ook de bron voor de kwartierprijzen van juni 2026 en voor de opwek- en verbruikscijfers per lokaal uur.
- [6]pv magazine en ANWB — negatieve uren 2024IJkpunt: 458,00 negatieve uren in 2024 op de Nederlandse day-ahead markt; de eigen meting komt op hetzelfde getal uit. ⚠️ De fact-sheet legt de uitgevers vast en niet de paginalink, dus die staat hier bewust niet: ik heb de URL niet nagelopen.
- [7]De Datadame — negatieve uren 2025IJkpunt: 581,25 negatieve uren in 2025; de eigen meting komt op hetzelfde getal uit. ⚠️ Ook hier legt de fact-sheet de uitgever vast en niet de paginalink.
- [8]Greenchoice — rekenvoorbeelden salderingsregeling 2027Opgehaald 29-08-2026. Draagt € 0,24832 afnametarief (enkeltarief maart 2025), € 0,05434 verwachte vergoeding en € 0,05184 verwachte terugleverkosten voor 2027, met het voorbehoud dat er geen rechten aan te ontlenen zijn.
- [9]Eneco — rekenvoorbeelden met en zonder salderenOpgehaald 29-08-2026. Draagt € 0,12240 kaal leveringstarief, € 0,05058 vergoeding en € 0,03865 terugleverkosten, peildatum 25-02-2026, bij een 1-jarig vast contract. Ook de kop 'Terugleverkosten blijven bestaan'.
- [10]Vattenfall — salderingsregeling 2027Opgehaald 29-08-2026. Geen bedrag voor 2027; noemt alleen de ondergrens en de looptijd van 1 januari 2027 tot en met 31 december 2029.
- [11]Essent — salderen stopt in 2027Opgehaald 29-08-2026. Geen bedrag voor 2027. Draagt het antwoord 'Nee, nog niet' op de vraag of ze met terugleverkosten stoppen, en de aankondiging dat de kosten vanaf 2027 per kWh worden berekend in plaats van in schalen.
- [12]Essent — terugleververgoeding zonnepanelenOpgehaald 29-08-2026. De vergoeding van nu: € 0,15000 per kWh, geldig tot en met 31-12-2026.
- [13]Vandebron — einde salderingsregelingVandebron over zichzelf als 'in 2023 de eerste energieleverancier' die terugleverkosten introduceerde. Let op de gebeurtenis: invoeren, niet stoppen.
- [14]Zonneplan — terugleververgoeding vanaf 2027Opgehaald 29-08-2026. 'Bij Zonneplan Energie betaal je nooit terugleverkosten.' Ook de zin die de opslag aan de contractvorm koppelt. ⚠️ Zonneplan verkoopt dynamische contracten; het feitelijke deel is op hun tarievenpagina na te lopen, het adviesdeel is verkooptekst.
- [15]Milieu Centraal — zonnepanelen en eigen verbruikOpgehaald 29-08-2026. Woordelijk: 'Van de zonnestroom die jouw zonnepanelen opwekken, verbruik je zo'n 30 procent zelf.' ⚠️ De paginalink staat niet in de fact-sheet en is hier niet gereconstrueerd.
- [16]EPEX SPOT — aggregated curvesNIET OPGEHAALD voor dit dossier, dus hier staat alleen het hoofddomein en geen paginalink. Dit is de route naar de vraag die hierboven open blijft: de geaggregeerde bied- en vraagcurves per veiling zijn de data die een biedconventie van een subsidie-effect zou kunnen scheiden.
